Els Adriaens

Coördinator Samen Onderwijs Maken Leuven vzw (SOM)

“Mijn man zei me dat ik het werk van mijn voorgangers eigenlijk al jaren bewonder”

SOM Leuven heeft een nieuwe coördinator. Een kwarteeuw gaf Els Adriaens het beste van zichzelf voor de leerlingen van campus Redingenhof, als leraar, GOK coördinator en pedagogisch directeur. Nu wil ze al die ervaring inzetten voor het hele Leuvense onderwijs. 

Als je ergens 25 jaar werkt, moet er fijn toeven zijn? 

Campus Redingenhof is nochtans zeker niet de makkelijkste school om les te geven. Ik zeg al wel eens tegen nieuwe collega’s “Als je in Brussel met de auto kan rijden, dan je dat overal. Als je op Campus Redingenhof kan lesgeven, dan ben je een bijzonder goede leraar, want soms moet je echt alle truken bovenhalen.”

Maar het klopt dat ik er heel graag gewerkt heb. mijn 12 jaar als leraar PAV waren een fantastische tijd. Ik ontwikkelde alle lessen en projecten zelf. Dat kostte me bloed, zweet en tranen, maar het was ook gewoon heel fijn om te doen. Ik heb altijd graag lesgegeven en nu nog mis ik soms mijn leerlingen. 

Toch nam je na meer dan een decennium afscheid van de klasvloer. Wat zat daarachter? 

Er is ook een andere kant aan mijn persoonlijkheid, die constant zoekt naar extra uitdaging. Toen de kans zich voordeed, werd ik GOK-coördinator binnen een heel straf team. Ook dat werd een boeiend traject, want de school heeft best veel GOK-leerlingen.

Daarna werd ik twee jaar domeincoach van het ’team sport’. Met dat team bepaalden we welke visie er achter onze sportrichting moest zitten, welke ambities we met onze leerlingen hebben en hoe we die konden realiseren. 

Uiteindelijk werd je pedagogisch directeur. Was dat het logische vervolg? 

Eigenlijk niet. Ik ben wat per ongeluk in de job gerold. Huis 11 organiseert elk jaar een ‘talentenwerf’, een soort korte opleiding van een jaar, waarbij je onder begeleiding aan zelfreflectie doet en leert waar je vaardigheden en talenten liggen. De bedoeling is leraren perspectief te bieden op langere termijn. Onderwijs is zoveel meer dan lesgeven alleen.

Ik stapte er nogal onbevangen in, maar op het einde bleek plots dat men mij geknipt achtte voor de rol van directeur. Dat was nochtans niet meteen mijn ambitie. Maar dankzij het traject groeide mijn interesse en kon ik bij het GO! een opleiding volgen. Toen Saskia Dekocker coördinerend directeur werd, zocht men een opvolger en plots werd ik pedagogisch directeur.

Het begin was bijzonder heftig. Ik was dag en nacht bezig. Gelukkig is Campus Redingenhof een geoliede machine en kwam ik terecht in een geweldig team. De laatste jaren heb ik meer en meer het gevoel dat ik alles wat onder controle heb. Maar dan begin ik me toch weer vragen te stellen. Zit ik wel helemaal op mijn plek? Ik bruis nog altijd van de ideeën voor onderwijs, maar na een tijdje heb je binnen je functie en invloedsfeer het maximale eruit gehaald.

De onrust werd zelfs zo groot dat je weer bent gaan studeren. 

Toen de vacature bij SOM voor 80% coördinatie passeerde, zag ik meteen een opportuniteit om in de overige tijd mijn leergierigheid wat extra te voeden. Ik schreef me dus in voor het postgraduaat ‘Educational Leadership’ aan de PXL in Hasselt. Daarna wil ik de ‘Master Educational Leadership’ halen in Eindhoven.”

Alles wat ik daar leer, kan ik meteen inzetten voor mijn werk bij SOM. Ik heb wel al veel praktijkervaring in de coördinatie van teams, maar nu kan ik er wat academische diepgang aan geven of expliciet maken wat ik intuïtief in al die jaren geleerd heb.

Intussen ben je de nieuwe SOM-coördinator. Wat trok je zo aan in de job?

Mijn man zei me onlangs dat ik het werk van mijn voorgangers eigenlijk al jaren bewonder. Je werkt de hele dag met gedreven onderwijsmensen, die verder denken dan hun neus lang is, die een drang voelen om ons onderwijs te verbeteren, die willen nadenken en experimenteren en daarbij ook durven falen. Die spirit past heel goed bij hoe ik in elkaar zit. Toen de vacature verscheen, kon ik moeilijk anders dan solliciteren.

Vanuit mijn werk op Campus Redingenhof weet ik hoe relevant de thema’s zijn die in de SOM-labo’s centraal staan. Omdat de school superdivers is, is inclusie er een gigantisch thema. De school is echt een voortrekker op dat vlak, maar ik merk dagelijks hoe lang de weg nog is die we in Leuven moeten gaan.

Ook het thema zij-instromers raakt me van dichtbij. Ik zag als directeur hoeveel leraren er binnenkomen zonder een pedagogische bekwaamheid. Die mensen willen heel graag lesgeven, maar hebben het soms moeilijk om meteen hun draai te vinden. We mogen de kans niet laten liggen om hen beter te ondersteunen op pedagogisch vlak.

Tot slot is er ook de context van het Leuvense netwerk. Dat is zo uniek. Mijn vroegere collega-directeur werkt nu in Antwerpen. Een samenwerking vanuit zo’n filosofie kennen ze daar niet. Hij wees me erop hoe dat echt een troef is in Leuven.

Stel dat je over vijf jaar mag terugkijken, wanneer zal je blij zijn met wat bij SOM gebeurd is?

Ik merk aan de mensen die ik ontmoet dat ze SOM heel erg in hun hart dragen, als een warme en veilige omgeving. Dat gevoel wil ik dus zeker doortrekken. Ik hoop dat we SOM een nieuw elan kunnen geven dankzij de nieuwe structuur. We staan voor zoveel uitdagingen. Nog niet iedereen is lid geworden, dus ik hoop op termijn zoveel mogelijk mensen aan boord te krijgen. We hebben iedereen nodig.

Ik wil zaadjes kunnen planten die bovendien duurzaam kunnen worden. Daar zit toch een van de grote problemen in onderwijs. Er worden veel prachtige projecten opgezet, maar iemand vertrekt en met die persoon verdwijnt ook de werking. Dat is voor mij echt een speerpunt. Ik hoop met het netwerk zaken uit te tekenen, maar zeker ook te verankeren.

Dat wil niet zeggen dat we niet kunnen dromen en experimenteren. Dat aspect van SOM mogen we niet verliezen. Je leert meer uit een mislukt experiment dan door niet te durven proberen. Uit mislukkingen komen vaak goede, nieuwe ideeën of realisaties voort. Dat zeggen we onze leerlingen ook altijd: je leert met vallen en opstaan.

Uit alles wat je vertelt, blijkt een grote liefde voor onderwijs. Wat maakt de sector zo mooi? 

Onderwijs is van kindsbeen aanwezig in mijn leven en het groeide uit tot een passie. Ik kom uit een echte onderwijsfamilie en eigenlijk wilde ik altijd al leraar worden. Ik blijf het een van de mooiste beroepen ter wereld vinden. Je wil als leraar je leerlingen zo ver mogelijk brengen op alle mogelijke manieren. Leraren beseffen volgens mij niet altijd hoeveel ze betekenen in het leven van jongeren.

Vorige week was ik in Portugal om stageplekken te bezoeken van onze leerlingen ‘toerisme’ en ‘opvoeding en begeleiding’. Toen ik arriveerde, kwamen ze meteen naar me toe om mij een stevige knuffel te geven. Die warmte, die vind je toch niet in veel andere beroepen.

Onderwijs is nooit ‘af’. Wat kan er volgens jou anders of beter? 

We hebben de laatste jaren in Leuven grote stappen gezet in de samenwerking tussen de netten. Daar zijn al mooie projecten uit voortgekomen. Toch denk ik dat er een grotere solidariteit nodig is tussen de scholen. We hebben in Leuven een fantastisch aanbod aan richtingen en soorten onderwijs, maar omdat we bepaalde types onderwijs geïsoleerd aanbieden op bepaalde plekken, is het niet eenvoudig om echt gelijke onderwijskansen te creëren.

Daarnaast blijft het grootste stuk van het Vlaamse onderwijs toch nog een beetje ‘negentiende-eeuws’. De banken staan vaak nog net hetzelfde, in dezelfde schoolgebouwen van toen. De leraar staat vooraan als een soort dirigent. We werken nog veel te vaak met hand- of werkboeken, die het lesgeven vaak zo sterk beperken.

Ik zie dagelijks hoe zwaar de job voor leraren kan zijn, maar met wat extra ondersteuning zit er volgens mij veel meer in. We weten wel wat we moeten doen, maar om de een of andere reden komen we er niet aan toe.

Elk onderwijsdier heeft zijn dada. Bij een gesprek over welk thema mogen mensen je trakteren op een koffie?

Dan moet ik toch terug naar mijn eerste liefde, mijn leerlingen arbeidsfinaliteit. Ik vind het zo schrijnend hoe ondergewaardeerd zij zijn. Niemand lijkt het echt voor hen op te nemen. Daar zou ik graag stappen in willen zetten.

Ook vanuit de bedrijfswereld zou het goed zijn dat mensen inzien wat voor potentieel er op onze scholen zit en hoe hard beide partijen elkaar nodig hebben en kunnen versterken. De verwachtingen voor leerlingen in de arbeidsmarktfinaliteit worden veel te vaak getemperd. Maar net die jongeren moeten we extra uitdagen. Om de lat hoger te leggen kunnen we met z’n allen een extra stap zetten. Elke succesbeleving voor die kinderen is van een ontzettend groot belang. Daarover zou ik uren kunnen babbelen. Doe dus maar twee koffies.

Schrijf je in op onze maandelijkse nieuwsbrief


Blijf op de hoogte van labo-ontwikkelingen, projecten, activiteiten, evenementen of ander interessant aanbod uit het Leuvense onderwijsveld!

Inschrijven

Dit zal sluiten in 0 seconden